woensdag 24 juni 2026

Sophia is back XVI



Vanaf Lago Maggiore kun je via Varese, Lugano noordwaarts rijden (dank voor de tip, Linda), of eerst westwaarts via Frankrijk of de route nemen die we op de heenweg hebben gereden, via de Brennerpas. Voor de eerste route hebben we een Zwitsers vignet nodig. Gelukkig kun je alles dezelfde dag nog digitaal aanschaffen. Zwitserland, here we come.

Oude bergpas

Vanuit Lugano rijden we naar de Gotthardpas. Dan is de keus tussen de tunnel (bijna 17 kilometer ondergronds) of via de oude bergpas (2106 m hoog). We rijden eigenlijk op de baan die naar de tunnel leidt maar Man ziet net op tijd een afslag voor de bergpas. Het is een prachtige weg. Op dat moment is er nauwelijks verkeer dus Man kan de talloze S-bochten ruim nemen. Bovenop is er parkeergelegenheid, een restaurant en een uitkijkpunt. Man zet zijn hoogtevrees opzij en maakt foto’s vanaf een bergtop. Een hele schoolklas dartelt voorbij. “Waar wij vandaan komen? Uit Australië. We love Europe.” 



Koets met paarden

Ik begrijp niet waarom mensen voor de tunnel kiezen, ja sneller waarschijnlijk. Onderweg naar de Zwitserse kant van de Alpen komen we fietsers tegen, zwoegend en met de hemdjes al helemaal open geritst. Ik zie een koetsje met vier paarden ervoor rijden en zelfs wandelaars. Ik kan de bergpas iedereen aanraden! Neem de tijd ervoor en geniet van het uitzicht. Het is ook een geweldige prestatie van de mens dat we dergelijke passen over de bergen kunnen maken. Sommige bochten zijn los hangend over een bergwand gemaakt, van bovenaf ziet het er ingenieus gemaakt uit. Het doet me denken aan Kelok sembilan op Sumatra, een beroemde weg midden in de jungle waarbij het verkeer over negen bochten verder wordt geleid. Nee, ik denk nog niet over een volgende reis…




dinsdag 23 juni 2026

Sophia is back XV



Bij het Lago Maggiore lijkt het alsof het Nederlandse team de volgende wedstrijd van het WK Voetbal hier speelt. Tjonge, wat zijn er veel Nederlanders! Op de maandagmarkt in Baveno besefte ik dat op weer op mijn woorden moest letten toen ik een meneer zag opveren bij mijn woorden ‘Dat is duur hier!’. En deze stop blijkt eigenlijk helemaal niet handig voor onze terugreis. Waarom zijn we in hemelsnaam deze richting opgereden?

Race
Vanuit Schilpario kun je namelijk vrij makkelijk richting Oostenrijk rijden, naar de Brennerpas. Misschien omdat Eleanora in de Albergo zo’n mooie route naar Bergamo had getekend? Of omdat er een wedstrijd was voor auto’s zodat bepaalde wegen waren afgezet? (Dat was trouwens heel leuk om mee te maken. Kleine, lage auto’s zoals Fiat of Renaults kwamen aangescheurd. De bochtige wegen daagden hen ook uit. We zagen ze vaak niet eens rijden in de bergen maar we hoorden de chauffeurs schakelen en de motoren razen.)



Lago Maggiore
Opeens zagen we Lago Maggiore voor ons. En ik moet zeggen: deze stop was niet vervelend. We hadden een B&B gehuurd, Hartmann – feel at home in het bergdorp Gignese. De eigenaar is life en business coach en het huis is volgens de Ayurvedische principes ingericht. Dat betekent spreuken aan de wand, gezellige accessoires zoals lantaarns met bloemen erin op je nachtkastje. De kamer is goed en het ontbijt is prima. Verder zit er een ruime tuin om het huis met ligbedden en luie stoelen. Het was de afgelopen dagen heerlijk toeven hier in de 36 graden hitte.

We willen er gewoon nog niet aan dat we naar het noorden moeten, DAT was de reden dat we in plaats daarvan naar het zuiden waren gegaan. Vandaag staan de koffers klaar en is het hotel voor vannacht geboekt, in Zuid-Duitsland! Ciao.




zondag 21 juni 2026

Sophia is back XIV



De bergen lonken. Schilpario of Val de Scalve is ons doel die dag. We hebben een afspraak met ‘oude’ vrienden daar. Man is in zijn schik. De autostrada vindt hij saai; die kronkelende bergweggetjes daarentegen maken hem blij. Ik tel de bochten, of althans ik probeer te tellen want soms is de vangrail zo dichtbij dat ik de tel vergeet. Waarschijnlijk 83 S-bochten verder zijn we er.



De weg naar Schilpario is prachtig. Soms hangt de bergwand over de weg waardoor het water, dat naar beneden komt, bijna naar binnen klettert. Want in de bergen rijden we natuurlijk met de ramen open. Je hoort vogels kwetteren, de wind ruisen, de bergbeek naast ons horen we stromen. We stoppen bij de Canyon Bar aan de SS294 (km 44,2) voor een cappuccino. Het uitzicht vanaf het terras doet me wat. Man zegt altijd dat ik vrolijk word wanneer ik bergen om me heen zie, een kamer krijg met grenen houten meubilair. Ach, het zijn mijn genen blijkbaar.



In Albergo Pineta worden we gastvrij ontvangen. Eleanora omhelst me wanneer ik me voorstel. “Mijn oma heette ook zo”, is haar verklaring. Wanneer ik de kamer cash afreken, lacht ze nog breder. Later helpt ze ons met het zoeken van onze volgende bestemming. Op de achterkant van het Menu del Dia (Pasta Amatriciana, Bocconcini in umido con patate, contorni en patate fritte) noteert ze de ideale route. Die is voor morgen. Vanavond gaan we uit eten met onze Italiaanse vrienden. Er is 1 probleem: het restaurant is weliswaar maar 2 kilometer verderop maar na zeker 9 S-bochten en zonder verlichting. Niet drinken is een optie maar je kent Man? Eleanora wil ons wel brengen om acht uur. Halen kan ze ons niet want dan is ze bezig in haar eigen restaurant. 

Als het tijd is, lopen we naar de auto. We zijn de deur nog niet uit of Eleanora roept ons terug. “Maurice wil jullie nu brengen en halen om 10 uur.” We slaan het aanbod niet af en proppen ons in een autootje waarbij het hondje Mascotte het nog eens extra moeilijk maakt door op onvermoede plekken op te duiken in de auto. Maurice is een Fransman die op vrij jonge leeftijd met zijn ouders verhuisde naar deze bergen. Hij rijdt misschien 25 km per uur en midden op de weg. Zo zijn er nauwelijks bochten! “Er vinden hier veel ongelukken plaats. Vooral door jongelui die veel te hard rijden.” 

Op de afgesproken tijd meldt Maurice zich in het restaurant. We hadden al gehoord dat de bewoners van deze streek punctueel zijn, ‘afspraak is afspraak’. Bij de Albergo nemen we dankbaar afscheid, ik kus hem op de wang en geef vervolgens een briefje van 20 euro als dank. Hij zwaait ons uit het open raam na. 




 


zaterdag 20 juni 2026

Sophia is back XIII



Op net 90 kilometer ten noorden van Milaan ligt Brescia. Bij mij ging er geen belletje rinkelen. Op internet kwam de stad er echter zo gunstig uit dat we hier naar toe zijn gereden voor een overnachting. En…het is super leuk!

Arbeidersvolk

Vooraf lazen we dat de mensen in Brescia door andere Italianen als ‘boers’ en ‘arbeidersvolk’ worden omschreven. Ze spreken ook een dialect dat een stuk verderop niet wordt verstaan. In de stad wordt het geld verdiend met de farmaceutische industrie of chemische bedrijven. Maar Brescia ziet er niet echt uit als een heel rijke stad. Er zijn wel grote pleinen die zich aaneenrijgen en elk plein lijkt een eigen identiteit te hebben. Zo is er - natuurlijk - een statig plein voor de dom en verderop een plein omringd met gebouwen uit de ‘fascistische periode’, een benoeming overigens van het reisblog Ciao Tutti. Er is ook een plein waar mensen elkaar ontmoeten, maar daarover later meer.

Kerk als verdienmodel



               


We logeren in hotel Centro Paolo VI, van een pastorale, non-profit organisatie die een verdienmodel zag in dit grote historische religieuze gebouw. Er is dus ook een kapel en meditatieruimte. Ik deed een omslagdoek om toen we gingen inchecken; niet omdat dit werd gevraagd maar omdat de omgeving respect afdwingt. Bovendien lopen er telkens priesters rond die dit weekeinde hier een soort meeting lijken te hebben.

Keten van lichtjes



Na het diner slaan we op weg naar het hotel een andere hoek om dan eerder die dag. Op Piazza Arnaldo vormen alle bars, restaurants, cocktailbars een feestelijke keten van lichtjes en geluid. We kunnen er geen weerstand aan bieden. Bij ‘Belle Epoque’ (aan de naast gelegen Via Trieste) nemen we nog een drankje. Die zaak is elke dag tot een uur of vier ’s nachts geopend! Er hangt wel een briefje aan de muur waarop gevraagd wordt – althans dat maak ik eruit op – de stem enigszins te dempen zodat de omgeving geen overlast zou ervaren. Terwijl de beats uit de boxen denderen. 

“We sluiten als er geen publiek meer is”, zegt de barman. Hij studeert marketing in Brescia en verdient hier bij. Volgens hem is het prettig leven in Brescia, “alleen wel duur in deze grote stad. Op dit plein spreekt iedereen af. Dit is echt een ontmoetingsplek”, verklaart hij de drukte om ons heen. We genieten er in ieder geval van. Man merkt op dat er nog geen Bobby’s gin staat tussen de flessen gedistilleerd. Misschien is er een lijntje te leggen tussen Schiedam en Brescia. Wij zijn voor!



 

vrijdag 19 juni 2026

Sophia is back XII



Parasols op een rij, ligbedden strak in gelid, het strand netjes aangeveegd en een man in stranduniform. Precies, dit kan alleen maar een strand in Italië zijn, volgens mij. Er staan hier zelfs bordjes na de rijen ligbedden, dat het verboden is om op die vrije strook te gaan zonnebaden. ‘Hier’ is Caorle, een charmant plaatsje nabij Venetië.  



Spritz Bianco

De kern van het stadje is klein: in pastel tinten gekleurde huisjes, een ietwat scheve toren en een kerk. Links en rechts is er nieuwbouw, met overwegend hotels. De afgelopen dagen zitten we opeens in een andere ‘vibe’. In plaats van dat we ons mengen met mensen die op weg zijn naar werk met een mapje onder de arm, vrienden die bijpraten bij een kop koffie of een Spritz Bianco, voegen we ons bij de groep met een strandlaken onder de arm. ’s Ochtends is er een stroom mensen richting strand, ’s avonds lopen we in file naar het stadje voor het diner.



Leuke terrassen

Het is prachtig weer dus na een dag strand heeft ons lichaam roodbruine delen. Mijn benen bijvoorbeeld zijn tot mijn knieën bruin, maar daarboven is er al een tijdje geen zon op geweest. Dat is nu meer rood. Het is maar goed dat we verder trekken. Het was heerlijk om een paar dagen lui te zijn en te kunnen zwemmen in de zee. We hebben ook op heel leuke terrassen gezeten. Koffie, broodjes, het kost geen drol en iedereen zit er. Gisteren zat er een oudere man, ik denk samen met zijn verzorgster. Ze was wel behulpzaam maar zonder de empathie van een familielid. Iedereen die het terras op kwam, begroette de man vriendelijk. Mooi om dat te zien!

Middenstand

Wat ik bijzonder vind is het vertrouwen dat ik hier vaak ervaar bij de middenstanders. Als ik ons ontbijt wil afrekenen op het terras, vraagt de man achter de kassa wat we ook alweer hebben gebruikt. “Oh ja, ook nog een broodje met appel he?” Gisteravond aten we in Casa Francesco Al Porto (heel lekker!) en Man vroeg na afloop een espresso met grappa barrique. Even later werden twee flessen op de tafel gezet. “Do you like a limoncello? Only a little sip?” We konden zelf inschenken en er werd niet gekeken of en hoeveel we hadden gedronken. Bovendien bleek later dat de drankjes niet op de rekening waren gezet. 

We vertrekken dus wel met enige weemoed uit Caorle. Vandaag zal het ook nog eens vier graden warmer worden, zonder wind die er gisteren wel was. Voor mijn lijf is het beter! 

 



dinsdag 16 juni 2026

Sophia is back XI


 Vlak voordat we Trieste inreden, zagen we een afslag naar het stadje Prosecco. We zijn er niet naar toe gegaan maar ik moet eerlijk zeggen dat ik de laatste dagen vaak een prosecco als aperitief heb gedronken. Thuis betaal je de hoofdprijs en hier is het zelfs vaak goedkoper dan een glas wijn. Hier komt dus die lekkere bubbelwijn vandaan!

Slovenië 

Trieste is een mooie stad aan de zee, opgekruld langs de flanken van het Karstgebergte. Zoals in Brixen, in Zuid-Tirol, ook Duits wordt gesproken, zo zie je rondom Trieste Sloveens als tweede taal. Op straatnaamborden, aanduidingen van steden, op menukaarten. De grens met Slovenië is hier niet ver weg. Doordat er regelmatig cruiseschepen aanmeren, stikt het langs de boulevard van de restaurants en mooie winkels.

Capo in B

“Het is fijn om hier te wonen, lekker weer en het leven is niet zo duur”, vertelt een studente die naast ons aan een tafeltje zit. Er zijn ook genoeg banen, verzekert ze. “Ik studeer aan het conservatorium, in de muziek is het wat moeilijker.” Ze dronk een koffie uit een klein glaasje, wel met een melkschuimrand erop. “Dit noemen we een Capo in B, een cappuccino in bicchiere.” 

Koffie drinken

Wanneer de serveerster ons even later vraagt wat we willen drinken, papegaai ik de studente na. De serveerster lacht hardop: “Oh weten we opeens hoe alles heet hier!” Gisteren hadden we namelijk ook op datzelfde terras een koffie gevraagd. Toen vroeg ik haar of we een cappuccino na twaalf uur ’s middags konden bestellen. Ik had eerder eens gehoord dat dit een doodzonde is voor Italianen. “Ach, koffie kun je de hele dag drinken”, antwoordde ze. En inderdaad zie je mensen hier de hele dag koffie drinken. Behalve dat de prosecco hier vandaan komt, is Trieste ook de bakermat van de koffie. Illy-koffie dan wel te verstaan. Dat bedrijf is in Trieste gevestigd. 



Het is een geslaagde stop. Man wandelde vanochtend breed grijnzend naar een terras langs het kanaal waar we volgens hem uitstekend konden ontbijten. “Vandaag geen oud broodje met jam in het appartement. Kijk eens hoe mooi het hier is!” Hij wees op de rij terrassen in het centrum van de stad. Wij genieten van wandelingen in de natuur maar bloeien op in steden, het is gewoon zo.

Morgen gaan we naar een badplaatsje langs de kust hier een uurtje verderop. Vanuit het hotel werd aangegeven dat we bij hen ook een strandbed en parasol kunnen huren. Pff, ik ben benieuwd hoe we ons daar voelen. Ciao!

Sophia is back X



We zijn op weg naar het meest noordoostelijke deel van Italië. Eerst naar Treviso, een stad veertig kilometer boven Venetië. Onderweg nemen we een afslag op de rijksweg, trek in koffie! Op de kaart (sic) lag het dorp naast de weg. De werkelijkheid is dat we via een bochtige weg omhoog, de bergen inrijden

Cordignano

Cordignano is mooi gelegen, zo tegen de heuvelflank aan. Hier en daar staan kunstwerken. We zien een restaurant, met een terras op een schaduwrijke plek. Op de deur hangt een bordje. Volgens mij staat er in het Italiaans dat hij/zij ‘terug is na de pauze’. We lopen door.




Kersenbonbons

Gelukkig is er verderop een bar-café, zo’n lintengordijn voor de deur. Er is ook een terrasje, weliswaar een stuk eenvoudiger dan bij het chique restaurant maar geopend. De vrouw achter de bar neemt me koeltjes op, zo voelt het. Ik doe mijn best om twee koffie te bestellen. Op de toonbank staat een carrousel met kersenbonbons. Met enig geworstel kan ik er twee lospeuteren. De vrouw lacht en we praten tegen elkaar, ieder in onze eigen taal, want we kennen toch de woorden niet die we willen zeggen. Ze haalt een doos met bonbons onder de toonbank vandaan en legt er twee bij de kopjes koffie, naast die andere. Blijkbaar waren die eersten te oud voor de verkoop. Ik krijg ze wel mee. We eten ze trouwens alle vier op, een lunch was er bij ingeschoten vandaag. En enig verschil proefden we niet. Als we weg gaan, zwaait de vrouw ons uit. Wat kan het toch veel uitmaken om geen (voor)oordeel te hebben, neem ik me voor.




Treviso

Via de zigzag-weg naar beneden rijden we verder richting Treviso. Ben je daar al eens geweest? Een heel leuke stad, ook met veel kanalen, niet zo spectaculair als in Venetië maar dus ook veel minder toeristisch. De barretjes langs het water zitten vol met aperitief-tijd, het is er gezellig. Treviso schijnt de geboorteplaats van de tiramisu te zijn. Na een risotto met garnalen, limoen en peterselie sluit ik natuurlijk af met dit toetje. Jammer dat we hier 1 nacht blijven. Trieste lonkt echter, in de oksel van de Golf van Venetië. 








zondag 14 juni 2026

Sophia is back deel IX



Het viel ons op dat er veel mensen van Indiase afkomst zijn in Brixen. Dit is zowat de eerste stad als je de Brennerpas over bent gereden vanuit Oostenrijk. Rondom de stad vind je velden met wijnranken, appelboomgaarden en ander fruit. Er zijn veel handen nodig voor deze vorm van landbouw. Maar de jonge mensen vertrekken veelal naar grotere steden of kiezen niet voor een toekomst als boer. Op een of andere manier Is het blijkbaar in Noord India bekend geworden dat in deze regio arbeiders nodig zijn.

Betere betaling

We zagen onlangs een aflevering van ‘Tucci in Italia’ waarin de Amerikaanse acteur Stanley Tucci op bezoek gaat bij chef-koks in Italië. Daarin kwam een contractarbeider uit Soedan aan het woord. Hij vertelde dat hij naar Europa was gekomen in de hoop op een betere toekomst. In Italië plukte hij tomaten en werd per kilo betaald. “De boer trok echter ook geld af voor de lunch, voor drinkwater, voor onderdak. Eigenlijk hield ik nauwelijks iets over per maand”, vertelde hij. Samen met andere contractarbeiders had hij daarop actie gevoerd waarna betere betaling volgde. 


Historische band?

Het is vraag of de Indiase arbeiders een redelijke betaling krijgen. Je ziet ze niet op de terrassen zitten of in restaurants. Het valt ook op dat het Indiase mannen zijn die ’s avonds de terrassen langs lopen met koopwaar zoals rozen of armbandjes. Verdienen ze dan extra bij? Misschien is er wel een historische band met Brixen en India en is er daarom een Indiase gemeenschap in deze stad. Bij de bouw van de Brenner spoorlijn in de negentiende eeuw zijn destijds ook arbeiders uit toenmalig Brits-India ingezet. Het maakt nieuwsgierig. Helaas zijn er kerken, een klooster, een Apotheekmuseum en een museum met ‘sacrale’ kunst (niet geweest) maar we komen nergens een expositie tegen die deze ontwikkeling belicht. 

Oogstvakantie

Brixen is trouwens een leuke stad, niet al te groot. Rondom de stad liggen de Dolomieten aan de ene kant en de Alpen aan de andere, prachtig om te zien. We hebben ook hier weer een heerlijke wandeling gemaakt naar een klooster, langs de wijngaarden. De druiven zijn nog klein; het duurt nog wel even eer ze kunnen worden geoogst. In een folder las ik dat je kunt deelnemen aan de oogst, een ervaring, stond erbij. Ook een manier om het werk op een goedkope wijze te laten doen! 



vrijdag 12 juni 2026

Sophia is back deel VIII


We zijn in Italië. Weliswaar net 30 kilometer over de grens, schat ik. Vanuit Kempten in Beieren (Duitsland) zijn we Oostenrijk doorgereden, over de Fernpas en de Brennerpas in Brixen uitgekomen. Man verheugt zich al op een Italiaans diner. Ik geniet van de roze Sissi-gebouwen hier in de stad. Kempten, gisteren, was best mooi, maar we misten de mensen op straat. Er waren allerlei terrassen met een capaciteit voor busladingen publiek alleen was er niemand te bekennen. En dat zorgt toch voor een bepaalde vibe in een stad.



Skiën 

De route was heel mooi: bergen overal om ons heen. Op sommige toppen waren nog toefjes sneeuw, veel was het echter niet. We beseften dat we deze weg ook veertien jaar geleden hebben gereden, op 1 van onze eerste reizen samen. Nu werd wel de weg gerenoveerd, spectaculair om te zien. Op 1375 meter hoogte waren wel tien hijskranen in bedrijf. Ook zag ik onderweg een afslag naar Schwangau in Zuid-Duitsland. Daar heb ik als 21-jarige ooit mijn eerste skilessen gekregen. Met vijf vriendinnen gingen we altijd twee weken skiën. In Schwangau zaten we in een jeugdherberg. Ik ben geen grote eter maar kan me herinneren dat we ’s avonds met een lege schaal naar de keuken gingen om te kijken of we nog iets extra’s konden krijgen. Ik weet niet waarom we zo lowbudget reisden; we werkten allemaal. Misschien waren er toen nog niet zoveel reisorganisaties die een skivakantie aanboden? 

Vriendin Conny

Ik keek eens naar de bergen om me heen. Ja, de Hahnenkam, daar skieden we! Het bijzondere was dat er in de jeugdherberg twee groepen werden gemaakt van de gasten. Een groep kreeg de eerste week langlaufles. Uiteindelijk werd gekeken welke groep beter kon skiën: degenen die eerst langlaufles hadden gekregen of de groep die direct skiles nam. Ik weet eigenlijk de uitkomst niet. Het was een geweldige vakantie waar ik samen met vriendin Conny bergen op rende met ski’s eronder (niet gelogen). Wij gebruikten ook geen sporen om bergen op of af te gaan; die maakten we zelf haha. Van die vakantie heb ik geleerd om geen angst te hebben met het skiën.

De leeftijd? 

In plaats van in de sneeuw zitten Man en ik nu in het gras op een ligbedje bij het zwembad. Is dat de leeftijd inmiddels? Daar wil ik nog niet aan. Doe mij (langlauf)ski’s onder en ik zoef van een berg af. Of is dat hetzelfde wat mannen hebben die op zekere leeftijd motorrijles gaan nemen? Het kan me eigenlijk niet schelen. Voorlopig zit ik aan een aperol Spritz (aangeraden door een goede vriend met wie ik contact had vanmiddag) en vanavond gaan Man en ik uit eten in Brixen. In plaats van ski’s doe ik hakken aan mijn voeten en een leuk jurkje aan. Italy here we come!



 

 

woensdag 10 juni 2026

Sophia is back deel VII



Schiedam is net 700 kilometer verwijderd van de plaats waar we nu zijn. En we zijn al een week onderweg. Een gezegde is ‘Het gaat om de reis, niet om de bestemming’. Daar kan ik wel wat mee; minder om wat ik op internet daarover vind: ‘het moedigt aan om mindful in het heden te leven’. Had ik al gezegd dat ik niets heb met Chat GPT?

Wandelingen

Ik vind het heerlijk om te reizen. Mijn tas neer te zetten op een volgende bestemming. Het leuke is dat Man en ik allebei graag wandelingen in de natuur maken maar vervolgens helemaal opbloeien wanneer we in een stad aankomen. Morgen rijden we bijvoorbeeld door naar Kempten, een plaats in Beieren, Duitsland, waar we een hotel in het centrum hebben. Winkels, restaurants, cafés op loopafstand. Ik verheug me nu al erop.



Toch hadden we vandaag een topdag. Ik was wakker vanaf een uur of zeven en wilde Man niet wakker maken. Die avond ervoor voelde hij zich niet zo lekker en was vroeg gaan slapen. Ik besloot die ochtend om alvast de omgeving te verkennen. Buiten liep ik de eigenaar van de boerderij annex appartementencomplex (4 stuks) tegen het lijf. Zijn hond rende kwispelend op me af. Op mijn vraag of hij een mooie wandelroute voor me wist, vroeg hij of ik een goede wandelaar was. “Ich habe een gute Kondition”, gokte ik in Duits waarna hij in het zand een route voor me uitstippelde die zo maar een kilometer of tien duurde. Ik keek naar zijn schoenen, dat waren echte bergschoenen; die van mij zijn net geen ANWB-kwaliteit (haha) maar gewone stevige schoenen. Uiteindelijk heb ik anderhalf uur gewandeld door het Zwarte Woud, een eigen route. 



Watervallen

Na het ontbijt gingen Man en ik er samen op uit. Al bij ons huis stond een wegwijzer die de verschillende wandelroutes aangaf. We kozen voor de Nonnenmattheier omdat daar een Fischerhutte zou zijn waar je ook wat kon drinken en eten. Het is echt prachtig hier. Waar je ook kijkt zie je groene heuvels, en af en toe een huis. We liepen over paden dwars door weiden, over rotsachtige richels langs ravijnen, langs watervallen. We dronken een goede bak koffie bij de vishut. We zijn alleen niet zo goed in het volgen van de bewegwijzering. Ook hier raakten we de bordjes kwijt. Gelukkig helpt een juist richtingsgevoel. Uiteindelijk heb ik vandaag ruim twaalf kilometer gelopen, 78 hypothetische verdiepingen geklommen en bijna 18.000 stappen gezet. Ik verheug me zo op de stad morgen!