vrijdag 5 juni 2026

Sophia is back deel II



We zijn nog geen twee dagen van huis en het voelt alsof het weken zijn. Zo waren we nog in hartje Mechelen en nu lopen we langs een kabbelende rivier, in het bos op weg naar een kasteel. We hebben een wandelkaart bij ons maar de route staat ook goed aangegeven met pijlen op bomen. We zijn in Noord-Luxemburg, in Bourscheid. 

Ons hotel ligt langs een riviertje in Bourscheid Plage. Maar bij Plage denk ik aan een strand, met bedjes op een rij, parasols ernaast. Wij reden via een smalle weg door het bos met haarspeldbochten naar het hotel. Niets in de omgeving, geen zee te bekennen, laat staan een strand. Op de strook met gras tussen het hotel en de rivier staan enkele gemakkelijke stoelen, dat wel. Ook is het bewolkt en wordt er regen verwacht.

Regenbuien

We laten ons echter niet uit het veld slaan. Om half tien zetten we de eerste stappen van route BS 4, 9 km lengte, hoogte 420 m. Rugzak bij ons met water, twee appels, een regenjas en een half broodje van de dag ervoor. Het is echt een mooie route, het ruikt heerlijk in het bos na de recente regenbuien. We zien muisjes voor ons uit rennen en horen overal vogels fluiten. Al na een paar honderd meter versperren enkele boomstammen ons pad. We klauteren er overheen. 

Route BS 4 leidt langs het kasteel, dat bovenop een berg in Bourscheid staat. Na een uurtje lopen zijn we daar, precies op tijd voor een bak koffie. Het is een groot complex en nog in goede staat. Die dag zien we het kasteel soms aan de rechterkant en ook opeens links opdoemen. Het pad gaat af en toe steil omhoog, met af en toe een uitkijkpunt richting het kasteel of met zicht op de verschillende valleien hier. Daarna glibberen we dan weer, tussen de rotsblokken en bergen bladeren naar beneden. We komen die dag een paar wandelaars tegen; het is heel rustig, fijn! 

Rennend

Op 2 kilometer van het eindpunt af komt een jongeman aan op het plateau boven, waar we net uitkijken over de vallei. Op het smalle pad naar beneden moeten we al snel even opzij stappen voor hem. Al rennend doet hij de afdaling. Als we een kwartier later op een ander bankje van het uitzicht genieten, komt hij alweer naar boven gelopen. Ik wil dan nog maar 1 ding: op tijd beneden zijn zodat hij ons niet weer kan inhalen! We zien hem inderdaad niet meer, gelukkig. Na een kleine vier uur ploeteren op die gladde bospaadjes, stappen we tevreden het hotel in. Verregend, moe en met een geruïneerde coupe bestellen we een drankje. Deze dag is geslaagd.



 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten